Toggle sidebar

Gestandaardiseerde uitwisseling in de keten leidt tot betere informatiepositie GGZ-cliënten

Steeds meer branchepartijen sluiten aan.

‘De informatiepositie van onze cliënten zal sterk verbeteren door deelname van de GGZ aan Registratie aan de bron, en dat motiveert ons zeer.’ Marjolein ten Kroode, bestuursvoorzitter van GGZ Rivierduinen is de vooruitgeschoven post van haar branche in Registratie aan de bron: de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ). In 2016 sloten meer brancheorganisaties aan bij het programma: Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland, en dus ook GGZ Nederland.

Ten Kroode neemt ‘veel energie’ waar bij haar collega-GGZ-bestuurders: ‘Een belangrijke reden voor deelname van onze sector aan het programma is dat we cliënten toegang willen geven tot hun eigen dossier, en dat we ze behulp van E-health toepassingen ook steviger aan het roer willen zetten. Ze kunnen straks zelf zorginformatie vastleggen, maar ook online behandelopdrachten doen, en daar weer over rapporteren.’ Ze voegt een derde belangrijk punt toe: de verschuiving van zorg in een instelling naar ambulante zorg, en dus naar ketenzorg. ‘Vroeger werkten we vooral in onze eigen informatieomgeving, nu ligt de nadruk op informeren en standaardiseren. Het belang van goede berichtgeving en dus gestandaardiseerde gegevensuitwisseling neemt toe.’ Ten Kroode legt uit waar de nadruk ligt in die overdracht: ‘De zorgverleners in de GGZ wisselen vooral zorginformatie uit met huisartsen en apothekers, maar ook veel met labdiensten omdat de zware medicatie die veel van onze cliënten gebruiken, een goede controle vereist. Daarnaast wisselen we ook informatie uit met gemeenten, al worden daar natuurlijk veel extra privacy- en beveiligingseisen aan gesteld.’ Ten Kroode is ervan overtuigd dat de zorg voor cliënten zal verbeteren. ‘Ik noem dat bewust een verbetering van ‘de informatiepositie’ van cliënten, want het draait om informatie. Als alle relevante zorgverleners en de cliënt zelf goed op de hoogte zijn van het verleden van de cliënt, de labwaarden en vooral ook het medicatiegebruik, leidt dat tot beter inzicht, en dus een betere behandeling – en dat is ons uiteindelijke doel.’

Het verrijken van de Basisgegevensset Zorg (BgZ) heeft dit afgelopen jaar prioriteit gehad voor de GGZ, zo vertelt ten Kroode. ‘De BgZ gaan we gebruiken, maar die moesten we eerst aanvullen met een paar GGZ-specifieke onderwerpen, zoals items die zorgverleners moeten vastleggen in verband met rechterlijke machtigingen, in bewaring stellingen en gedwongen opnames. In 2016 ronden we die verrijking af, in 2017 is het kwestie van puntjes op de i zetten. In 2017 gaan we vervolgens werken aan een kerndossier voor de psychiatrie, waardoor we standaardkoppelingen kunnen maken met onze ketenpartners. Dat kerndossier wordt gebaseerd op de zorginformatiebouwstenen van Registratie aan de bron.’ De GGZ verwacht met alle zorginformatieleveranciers afspraken te maken over het direct in de systemen inbouwen van de verrijkte BgZ en het kerndossier. Ten Kroode hoopt dat de pakketleveranciers deze verbeteringen snel doorvoeren en dat koppelingen met andere systemen worden aangepast. Ze realiseert zich dat het tempo waarin dit gebeurt verschilt, en dat ook het tempo waarin zorgverleners en instellingen zich het eenduidig uitwisselen van gegevens eigen zullen maken, zal verschillen.

NFU NVZ Nictiz